Op de koffie bij … Greenvis

In deze (nieuwe) rubriek gaan we op de koffie bij allerlei partijen die een rol spelen in de Utrechtse warmtetransitie zoals Greenvis. Door deze informatieve en inspirerende gesprekken willen we alle Utrechters positief deelgenoot maken van de warmtetransitie in onze stad.

Eerste kopje koffie met Daniël de Greef van Greenvis

We trappen af met Daniël de Greef van Greenvis, expert in duurzame warmtenetten, die onlangs samen met zijn collega’s in opdracht van gemeente Utrecht een verkennende studie deed naar hernieuwbare warmtebronnen in onze gemeente. Namens Energie-U spreken Fanny Claassen en Sander Willemsen met Daniël, via zoom, met alledrie een beker koffie voor zich. Na Greenvis testen we de koffie bij de gemeente, bij Eneco, het Hoogheemraadschap, Warmtebron Utrecht (geothermie), buurtgroepen en andere partijen.

Greenvis als onderdeel van de warmtetransitie

Normaal gesproken, in de tijd vóór corona, fietst Daniël iedere werkdag door de Utrechtse warmtetransitie. Van Utrecht Centraal langs het Stadskantoor waar de gemeente de warmtetransitie regisseert, over de Vleutenseweg richting potentiële restwarmteleverancier Douwe Egberts en dan door naar Lage Weide waar de grote elektriciteits- en warmtecentrales van Eneco staan. Daar is ook het bedrijf Greenvis gevestigd.

De Vlaamse fysicus Daniël de Greef werkt nu drie jaar voor dit advies- en ingenieursbureau. De liefde bracht hem naar Amersfoort en een vriendin koppelde hem aan Greenvis. Het bureau heeft inmiddels zo’n 30 mensen in dienst, die allemaal werken aan de Nederlandse energietransitie. Vooral warmte. In de beginperiode (2011 – 2016) veel “hard” ingenieurswerk voor energiebedrijven, tegenwoordig ook veel “zachter” werk voor gemeenten zoals potentieelstudies, scenarioverkenningen en adviesrapporten.

Greenvis wil sinds 2016 steeds vaker ook zelf onderdeel zijn van de warmtetransitie, als ontwikkelaar van duurzame warmtenetten. De eerste poging was op Lage Weide. Daar zitten veel bedrijven die warmte over hebben en veel andere die warmte kunnen gebruiken. Het is nog niet gelukt om dat goed via een buizenstelsel aan elkaar te knopen. Maar, de aandacht en interesse groeien. “Dat gaat er nog wel een keer van komen”, aldus Daniël.

Onderzoek restwarmtebronnen

De potentiële restwarmtebronnen in Utrecht komen ter sprake. Want hoe gaan we Utrecht verwarmen zonder aardgas of andere fossiele bronnen? Greenvis deed hier in opdracht van de gemeente Utrecht onderzoek naar. “In vergelijking met andere grote Nederlandse steden heeft Utrecht nauwelijks restwarmte. Rotterdam heeft overschotten. Amsterdam heeft ook best wat. Wel heeft Utrecht, net als de andere grote steden, een groot warmtenet.”

In Utrecht vonden Daniël en zijn collega’s drie restwarmtebronnen van enige omvang: Douwe Egberts (DE), aluminiumproducent Nedal en de asfaltcentrale op Lage Weide (ACLW). Verder zijn de meeste grote ‘schoorstenen’ afgebroken of niet meer in gebruik. Utrecht is geen industriestad meer in de oude zin van het woord.

“De hoeveelheid restwarmte bij Douwe Egberts en Nedal schatten we op minder dan 50 TJ per jaar (terajoule; 50 TJ is de warmtevraag van ongeveer 1.500 woningen). De potentie van de asfaltcentrale is groter, zo’n 250 TJ. Deze bronnen kunnen aan het warmtenet van Utrecht worden toegevoegd en daarmee 3,5% van de totale warmtevraag van Utrecht leveren.”

Industriële restwarmte hebben we dus niet echt in Utrecht. Een groot warmtenet hebben we hier wél. “Een voordeel is dat het warmtenet van Utrecht zo is ontworpen dat het vanuit meerdere richtingen kan worden gevoed, dus ook door bronnen in bijvoorbeeld De Uithof of Nieuwegein.”

Andere potentiële warmtebronnen

Gelukkig zijn er voldoende andere potentiële warmtebronnen in de buurt, zoals geothermie (ondiep, diep en “ultradiep”), restwarmte van een datacenter, koelwarmte van bijvoorbeeld supermarkten, thermische energie uit oppervlaktewater (TEO), thermische energie uit afvalwater (TEA) en thermische energie uit drinkwater (TED). Greenvis werkte zo’n vijf maanden aan een studie om al deze potentiële warmtebronnen in en rondom Utrecht in kaart te brengen. Daarvoor actualiseerden Daniël en vier collega’s datasets, interviewden ze diverse personen, bekeken ze stromingsdata van rivieren en data over de ondergrond. De resultaten van deze studie kun je hieronder teruglezen of hier downloaden (pdf).

BijlageRapportageOnderzoekHernieuwbarebronnenindegemeenteUtrecht

Geothermie als nieuwe bron?

Voor Utrecht lijkt geothermie een hele belangrijke nieuwe bron van schone warmte. “Het is over de gehele levensduur een relatief goedkope oplossing. Met het bestaande warmtenet is er al een geschikte grote afnemer van deze warmte. De beschikbaar­heid van geothermie ligt echter wel buiten de invloedssfeer van de gemeente en het is nog de vraag in hoeverre deze warmtebron ook echt benut kan worden. Onderzoek loopt.”

Op de vraag ‘Wat wens je Utrecht toe’, antwoord Daniël dan ook: “een goed plan B voor als geothermie het niet wordt. En experimenten. Met bronnen en netten van lage temperatuur bijvoorbeeld. En combinaties van nieuwe kleine bronnen met het grote bestaande warmtenet van Eneco.”

Richten op zonnewarmte?

En hoe zit het met zonnewarmte? Energie-U, Buurtstroom en Rijne Energie zijn nu druk met zonnestroom op daken en velden. Moeten we dat loslaten en ons op zonnewarmte richten? “Met warmte haal je 50-60% energetisch rendement, met elektriciteit 15-20%. Je haalt dus drie tot vier keer meer warmte uit een vierkante meter collector dan stroom uit een vierkante meter paneel. Er hoort wel een warmtenet bij, en warmteopslag op hoge temperatuur, wat er nog nauwelijks is. Zeker collectieve zonnewarmte vanaf woonhuisdaken wordt dan lastig aangezien een grote seizoensbuffer nodig is als je helemaal van het aardgas af wilt, en deze past niet in een woning. En voor grote zonnewarmtevelden is er weinig ruimte in de stad. Voor zonnewarmte moet dus nog veel geleerd worden, we zien in Nederland dat dit ook steeds meer gedaan wordt.”

Wat kan verder nog…

Weinig restwarmte. Een kans op (veel) geothermie. Voor zonnewarmte lijkt er weinig ruimte. Moeten we misschien industrieën, schone dan, moderne, naar Utrecht hálen voor de verwarming van de stad? Activiteiten waar we wat aan hebben én waar warmte bij vrijkomt, zoals datacenters. Of moeten we bijvoorbeeld afvalstromen toch maar hier gaan vergisten of op een andere manier verwerken? “Dat overstijgt onze opdracht, en ook mijn kennis. Industrie naar een stad lokken enkel voor verwarming is misschien wat raar. Als er andere goede redenen zijn, zou de warmtevoorziening wellicht mee kunnen spelen.”

Wat kan er verder nog? “Aquathermie: warmte uit oppervlaktewater. Daar is veel van. En ondiepe geothermie, van 500 tot 2.000 meter diepte, met temperaturen van 40 tot 70 graden. Beide vergen nog meer pilotprojecten in Nederland en in de meeste gevallen nog een hoop elektrische hulpenergie.

Bij aquathermie wordt warmte onttrokken aan oppervlaktewater zoals het Amsterdam-Rijnkanaal, de singel en de Vecht. Om dat water van tien of twintig graden op een temperatuur te brengen waarmee je binnenruimtes en douchewater kunt verwarmen, gebruik je een warmtepomp. Die kan in de woning staan of centraal. Er is dan dus elektriciteit nodig voor de warmtepomp.

Iets voor koplopers!

En wat verder nog leuk is, voegt Daniël toe, “zeker ook voor jullie: Gemeente Utrecht wil onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om warmte die bij supermarkten vrijkomt uit hun koeling, te benutten. Op sommige plekken kan dat mogelijk een heel mooie uitkomst bieden, al zal het niet op grote schaal in Nederland gaan plaatsvinden. De bronnen zijn niet toereikend. Het is heel lokaal en van kleine schaal. Maar met hulp van het grote warmtenet van Eneco zijn er wellicht handige combinaties te maken. Al blijft het vooralsnog complex. Echt iets voor koplopers.” Sander en Fanny denken meteen aan de studie ‘Hartverwarming’ die studenten van de Hogeschool Utrecht voor Energie-U uitvoerden en die precies daarover gaat (zie filmpje hieronder).


Inhoud niet beschikbaar. Accepteer cookies door op Accepteren in de banner te klikken.

Samenwerken

We zien het voor ons dat leden van Energie-U en andere actieve Utrechters hun buurt organiseren en op basis van de studie van Greenvis nieuwe warmtebronnen vinden. En dan? “Dan kan een bureau zoals Greenvis adviseren maar wellicht ook helpen iets echt te ontwikkelen. Jullie weten ons te vinden!”


Vragen of tips?

We willen graag dat alle Utrechters zich positief deelgenoot voelen van de warmtetransitie in onze stad. Dit doen we door te informeren, inspireren en activeren. In deze rubriek ‘Energie-U op de koffie bij…..’ praten we bij met allerlei partijen die een rol spelen in de Utrechtse warmtetransitie. Momenteel doen we dat digitaal, hopelijk kunnen we later dit jaar elkaar fysiek ontmoeten. We hebben het over actuele ontwikkelingen, over wat ons bezighoudt, over hoe we beter en resultaatgericht kunnen samen­werken. Weet jij een partij die in deze serie niet mag ontbreken? Of heb je een brandende vraag waarop je graag het antwoord wilt? Geef het aan ons door via info@energie-u.nl. Drink je ook graag een kopje koffie met Energie-U? Neem dan contact op met Fanny Claassen via fanny@energie-u.nl.